naar top
Menu
Logo Print

THE SKY IS THE LIMIT VOOR KRANENSPECIALIST SARENS

Olieanalyse essentieel om vloot in optimale staat te houden

Sarens kranen olieanalyse MeiseDe geschiedenis van de firma Sarens, gelegen langs de A12 in Meise, gaat al ruim een halve eeuw terug. Binnen een tijdspanne van 62 jaar wist Sarens zich wereldwijd te profileren als dé referentie op gebied van kraanverhuur en het verplaatsen van zware lasten, zowel horizontaal als verticaal. Guy Frederickx, Global Fleet Director bij Sarens, is belast met de taak de gigantische vloot aan kranen in binnen- en buitenland in uitstekende staat te houden en ook het aantal (prijzige) pannes zo veel mogelijk te beperken. Al in 1992 bleken olieanalyses het middel bij uitstek om deze doelstelling optimaal te benaderen.

IMPRESSIONANT PARCOURS

Referenties over de hele wereld

De reputatie van Sarens is anno 2018 torenhoog en dat blijkt ook. Zo wist de firma, met een opdracht voor een olieproject in Kazachstan, vorig jaar nog haar grootste contract ooit binnen te halen. Maar daar houdt het niet op. Brazilië. India. Rusland. Thailand. Zuid-Afrika. Australië. Kazachstan. Qatar. Venezuela. Polen. Nieuw-Caledonië. En zelfs ... Antarctica! Het Belgische Sarens zit werkelijk overal, en daar mogen we best trots op zijn. Vandaag beschikt Sarens over ruim 100 business units in 63 landen, goed voor een totaal personeelsbestand van 4.452 hoogopgeleide mensen, en een vloot van ruwweg 1.600 verschillende kraantypes.

Actieradius vraagt investeringen

Guy Frederickx, Global Fleet Director bij Sarens
Guy Frederickx, Global Fleet Director bij Sarens

Hoewel Sarens in heel wat verschillende sectoren actief is, behoren de belangrijkste klanten tot het kruim uit de olie- en gaswinningsindustrie, de energiesector, de petrochemie en de mijnbouw. Het spreekt voor zich dat de activiteiten van de firma hoge eisen stellen naar rollend materieel. Hoge eisen op vlak van kwalitatief materiaal, maar zeker ook naar onderhoud. Guy Frederickx is verantwoordelijk voor het wereldwijde onderhoud van de kranen. “We hebben hiervoor wereldwijd een ploeg van zo'n 400 gekwalificeerde mensen in dienst, zowel blue collars als white collars."

OLIEANALYSE

Opgezet begin jaren 90

Al in 1992 besloot Marc Sarens, de huidige technisch directeur en mede-eigenaar van de gelijknamige firma, in te zetten op olie-analyse, als middel om de downtime van kranen terug te drijven.

Marc Sarens: “Het labo van de firma was toen nog gelegen in Schoten, en gezien de felle groei die we toen doormaakten en het aantal nieuwe kranen dat werd aangekocht, besloot ik in zee te gaan met Total, dat ons met ANAC Pro de perfecte tool voorstelde om een beter overzicht te verkrijgen wat betreft de staat waar onze vloot in verkeerde. Vanaf 2008 ijverde Guy Frederickx ervoor dat het systeem over het hele bedrijf wereldwijd zou worden ontplooid."

Frederickx: “Door de felle groei die de groep op korte tijd wist te realiseren, bleek het geen gemakkelijke opgave om in alle landen de controle over de vloot te behouden. Het opzetten van structuren in de lokale organisaties bleek noodzakelijk om het onderhoud te kunnen verzekeren. Aan de hand van ANAC wisten we het onderhoud om te schakelen van corrective maintenance naar preventief en zelfs predictief onderhoud."

Meer weten over olieanalyse?  Lees dan zeker ook dit dossier!

PROCEDURE

Frequente staalname

Zowat alle kraanonderdelen die olie behoeven (dus niet louter de motorisatie, maar ook bijvoorbeeld lieren), worden frequent aan een staalname onderworpen. Volgens een vaste cyclus worden oliestalen afgenomen bij alle kranen, gebaseerd op het aantal werkuren. “Vergelijk het met een klein en groot onderhoud van wagens", vertelt Marc Sarens. Zodra de staalnames zijn afgenomen, worden ze lokaal of op afstand geanalyseerd, in de meeste gevallen door Total zelf (voor Europese staalnames in het Total labo in Ertvelde). En dat deze analyse grondig gebeurt, mag duidelijk zijn volgens Sarens. “De testresultaten kunnen onmogelijk gemanipuleerd worden, de kleinste contaminatie van de olie wordt zichtbaar, waarna een correcte diagnose moet worden gesteld."

Stilstand zo kort mogelijk houden

wind Sarens kranenDe rapportages die voortvloeien uit het gebruik van ANAC Pro, vallen intuïtief af te lezen. Bij een groene indicatie is er logischerwijs niets aan de hand, maar kleurt een bepaalde waarde oranje of zelfs rood, dan wordt een (spoedige) interventie een noodzaak.
“In deze gevallen schrijven wij een nieuwe staalname voor binnen de 100 werkuren, om ongewilde contaminatie te kunnen uitsluiten." vertelt Frederickx. “Het stilleggen van een kraan en de eventuele revisie van de motor kosten al snel zo'n 50.000 euro, een veelvoud van de kost van een tweede staalname."

Diagnose

“Total weet zich met ANAC te onderscheiden om verschillende redenen", meent Frederickx. “Naast de intuïtieve manier van rapportage (met de kleurcoderingen) is ook de uitgebreide database aan motormerken en -types opgebouwd door Total onontbeerlijk."

De olieleverancier analyseert sinds jaar en dag de performantie van motoren in de praktijk en heeft in die optiek al heel wat ervaring en kennis weten op te bouwen wat betreft de slijtagecoëfficiënt en de oorzaken van bepaalde problemen, om zo de analyse te kunnen vertalen naar een correcte diagnose.

“Een diagnose die in de meeste gevallen ook correct blijkt, wat ons uiteraard opnieuw heel wat tijd bespaart. Met deze informatie als essentiële ruggensteun slagen we er steeds beter in om, op basis van de olieanalyses, te voorspellen wanneer een bepaald motortype een onderhoud dient te krijgen. Hierdoor kunnen we de DOO (Days Out of Order) zo kort mogelijk houden en de totale herstellingskost van motoren reduceren."

Guy Frederickx (Sarens): "Door olieanalyse kunnen we de DOO (Days Out of Order) zo kort mogelijk houden en de totale herstellingskost van motoren reduceren."

FACTOREN DIE FREQUENTIE BEPALEN

Binnen Sarens onderscheidt men A-, B- en C-onderhoudsbeurten voor kranen, waarbij A staat voor de kleinste vorm van preventief onderhoud en C-onderhoud voor het meest uitgebreide preventief onderhoud. Afhankelijk van de klimatologische omstandigheden moet elk onderhoud om de 350 uren of om de 700 uren uitgevoerd worden. Elke kraan heeft een blackbox die dagelijks de urenstanden doorstuurt naar het ERP-systeem (zie verder). De berekeningen voor het volgende onderhoud worden gemaakt in het ERP-systeem en houden rekening met de locatie van de kraan.
Sarens Space shuttle kranen

Omgeving

Voor een internationaal agerende groep als Sarens blijken ook omgevingsfactoren van invloed te zijn op de testresultaten. Wanneer een rapportage bijvoorbeeld een (overdadige) aanwezigheid van silicium aantoont, kan dit wijzen op een lek in het luchtfiltersysteem.

“Gezien de abrasieve karakteristieken van silicium, zand dus, is een ingreep nodig, om de slijtage binnen in de motor te beperken en zo stilstand te vermijden", klinkt het. “Ook zien we dat smeerolie bij de kranen die in warmere landen operationeel zijn, de neiging heeft sneller te verouderen. Omgekeerd kan ook het koud opstarten heel wat slijtage tot gevolg hebben. In beide gevallen is een onderhoudsfrequentie van 350 draaiuren dan ook raadzaam."

Motortypes

“Bij de oplevering van bepaalde opdrachten worden we soms voorgeschreven de kranen te allen tijde stationair te laten draaien", vertelt Frederickx. “Dit is niet goed voor een motor. De ervaring leert ons dat er bij sommige motortypes onder deze omstandigheden brandstof in de olie kan dringen, wat consequenties heeft op de viscositeit en de smering van de olie. Op basis van de olieanalyses weten we intussen dat we hier dit brandstofgehalte moeten beperken tot maximaal 7%. Om dit te garanderen, kiezen we voor deze toepassing voor een frequentie van olieverversing van 250 draaiuren, in plaats van de standaardfrequentie van 350 draaiuren."

Guy Frederickx (Sarens): "De ervaring leert ons dat er bij sommige motortypes bij het constant stationair moeten draaien brandstof in de olie kan dringen, wat consequenties heeft op de viscositeit en de smering van de olie."

Inferieure brandstof

Naast omgevingsfactoren, eigenschappen eigen aan de motortypes en de ouderdom van kranen, blijkt ook de kwaliteit van de brandstof in sommige landen consequenties te hebben. “Wanneer de kranen gevoed worden met hoogzwavelige diesel, hebben we intussen ook moeten constateren dat een hogere onderhoudsfrequentie zich aandient, door impact van de brandstof op de smeerolie, waardoor deze kan verzuren."

ONE FITS ALL

Binnen de firma Sarens opteerde men voor één enkele semisynthetische olie wereldwijd, geschikt voor alle motortypes, ongeacht het merk. “Los van wat de verschillende motorfabrikanten voorschrijven, gingen we destijds op zoek naar een gestandaardiseerde oplossing die alle noden dekt, maar de kans op (menselijke) fouten door een verkeerde oliekeuze onmogelijk maakt", meent Sarens. “Al is het zo dat een uniforme 'one-fits-alloplossing', met de opkomst van moderne motortypes, voorzien van een partikelfilter, steeds moeilijker wordt."

Anac Pro diagnose olieanalyse Total Sarens

PRAKTIJKVOORBEELD

In dit concrete geval werd een daling van de viscositeit vastgesteld zonder daarvoor een onmiddellijk aanwijsbare reden voor te vinden. De Fleetmanager wist echter wel een link te leggen met het feit dat er hydraulische olie lekte naar het motoroliebad. In dit geval gaf het mengen van beide producten een lagere viscositeit tot gevolg, al is in de praktijk ook het omgekeerde mogelijk, met name een stijging van de viscositeit wanneer een meer viskeuze olie in het oliebad terechtkomt.

Een ander voordeel van het ANAC Pro diagnosesysteem situeert zich in het feit dat de slijtage-elementen worden weergegeven in gecompenseerde waarden (ppmc) en dus niet in ppm (particles per million). Het compenseren van de gemeten waarden laat toe om invloeden, zoals bijvullingen en verschillen in de standtijd van het oliebad te verwerken, zodat er een juiste beoordeling van de concentraties gemaakt kan worden.

Dankzij deze compensatie kan het slijtageprofiel van de motor verder vergeleken worden met het referentieprofiel uit de database van ANAC Pro, wat dan weer leidt tot een slijtagecoëfficiënt. Uit deze coëfficiënt kan de gebruiker afleiden in hoeverre deze motor meer, evenveel of minder verslijt dan identieke motoren uit de database.

Met dank aan Jhonny Vandenbosch (Application Engineer Lubricants bij Total Belgium)

WHEN SOFTWARE MEETS HARDWARE

Van gegevens tot gevolgGuy Frederickx (Sarens): "Een gemist oliestaal is een non-conformiteit waarop wordt geageerd."

Alle data worden opgeslagen in Axapta (n.v.d.r.: Microsoft Dynamics AX), het ERP-systeem dat we binnen de firma hanteren, en waar we in 2012 ook de onderhoudsdatabase (inclusief de ANAC-data) in integreerden. Deze data worden verwerkt in QlikView om de performantie van elke business unit op te volgen. Een gemist oliestaal is een non-conformiteit waarop wordt geageerd.

"Met de komst van de tweede generatie van blackboxen, die beschikken over CANbus-aansluitingen, kunnen we extra data van de kranen via de blackbox in ons ERP-systeem binnenhalen.Hierdoor zullen we in de toekomst een wijder predictief model kunnen ontwikkelen, met als doel stilstand door defecten te minimaliseren. Alles samen, kunnen we nu quasi realtime de onderhoudsstatus en -historiek van iedere kraan opvragen, in relatie tot het aantal draaiuren.De transparantie maakt dat we de procedures tegenwoordig veel beter kunnen afdwingen in alle landen, al tonen de onderhoudsploegen zich ook steeds meer gedisciplineerd om sneller gevolg te geven aan wat het systeem aangeeft. Dat neemt niet weg dat we regelmatig lokaal kranen inspecteren om de KPI-resultaten te toetsen aan de werkelijke toestand van de kraan."

Guy Frederickx (Sarens): "Een gemist oliestaal is een non-conformiteit waarop wordt geageerd."

CONCLUSIE

“De laatste drie à vier jaar hebben we het aantal olieanalyses gevoelig uitgebreid naar alle landen waar Sarens actief is, alles samen goed voor zo'n 5.500 analyses per jaar, en dat aantal neemt nog steeds toe. We hebben hierdoor intussen al heel wat stilstand weten te vermijden. Door de onderhoudsstrategie die we nu aanhouden, kunnen we naar schatting zo'n twintig motoren per jaar redden, wat een hele slok op een borrel scheelt", klinkt het bij de tevreden Global Fleet Director. “Een andere, niet onbelangrijke factor is dat we door de staalnames nu ook sneller kunnen zien wanneer bijvoorbeeld de hydraulische systeemolie wél nog in acceptabele staat is en een vervanging kan worden uitgesteld. Naast het elimineren van de idle time is ook dit een niet onbelangrijk kostenbesparend aspect."

TOTAL BELGIUM

TOTAL BELGIUM

+3222889933
+3222883525